Saskia Stehouwer – “La Défense, the Venturing Gaze”

maart 7, 2019  |  Algemeen, The Catch

Saskia Stehouwer (Alkmaar, 1975) studeerde Nederlands en Engels aan de Universiteit van Amsterdam en is dichter, volkstuinier en natuurwinkelmedewerker. In oktober 2014 verscheen bij uitgeverij Marmer haar debuutbundel wachtkamers, die bekroond werd met de C. Buddingh’-prijs 2015. Saskia’s tweede bundel verscheen in oktober 2016 onder de titel vrije uitloop. Op dit moment legt zij de laatste hand aan bindweefsel, een composteerbare dichtbundel gemaakt van zelfgeschept papier van plantenresten, die in een zeer beperkte oplage van 30 zal verschijnen in mei 2019 (kunstgroen.org/com-post). Een maand eerder verschijnt haar eerste Amerikaanse bundel, Free range, bij Dutch Poet Press (vertalingen Robert Perry, Joel Katz en Saskia Stehouwer).

het lompe geluk met onze naam erop

gewoonte plukt ons met twee vingers van de tafel
en meet ons op voor een maatpak
stuurt ons naar buiten met een lunchtrommel
vol woorden voor conducteur en kassière
en blikken voor voorbijgangers en bazen
ze zorgt dat we de goede kant oplopen
en niet opvallen

gewoonte geeft ons koffie zoveel koffie
dat we de tel kwijtraken
en opgewekt achter haar aanrennen
toonladders oefenend voor een stuk
dat elke dag wordt opgevoerd

we omhelzen onze telefoons
wiegen onze tassen
geven hen een plek in ons bestaan
zoals ouders hun kinderen nodig hebben
om ouders te kunnen zijn

de wereld ligt te wachten
tot we ons een weg door de dag hebben geknaagd
’s avonds thuis onze rol uittrekken
en kijken wat er overblijft

***

als je je dagen te lang laat liggen
en meeneemt naar steeds dezelfde cafés
als je dagen geen jurk meer voor je aantrekken
hun haar niet kammen
de deur uitlopen met amper een kus op je wang

als je het idee krijgt
dat je dagen niet meer luisteren
zich verschuilen achter hun uren
korter worden en grijzer

dan begint het hopen
op een dag die anders is
die je dagen toespreekt en ophitst
tot ze zich langzaam tegen je keren
gaan ruiken naar bedorven vleeswaren
en naar koffie zoveel koffie
dat je maag zich walgend omdraait
en naar buiten loopt om opnieuw te leren kijken

een paar dagen lang is er verwondering
over de gezichten van de mensen in de metro
en over metro’s in het algemeen
je ziet het nieuwe kapsel van je collega
staat mijmerend stil bij bloem en brug

tot je weer bezwijkt voor de charmes van het ritme
dat je ziel in slaap sust en o slapen
is zo lekker met je ogen open
en je tas als schild in je handen

je voegt je in de rij
houdt vol tot aan de voordeur
je werkt aan een toekomst voor ons allen

de avond laat een deken zakken
zodat de dag uit zicht verdwijnt

top ↑