STEUN ONS

Floor Buschenhenke – “Licht in Noord, spel van differenties”

september 17, 2016  |  The Catch

floor-buschenhenke

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Floor Buschenhenke (1978) is dichter, schrijfdocent en onderzoeker uit Amsterdam-Noord. Van haar hand verschenen de dichtbundels Eiland op sterk water (2009, Atlas) en Het moeten eenhoorns zijn (2014, AtlasContact). In opdracht van het Huygens ING (KNAW) instituut onderzocht ze onder meer het werkproces van hedendaagse auteurs. Als schrijfdocent begeleid ze proza-, poëzie- en academische projecten.

Er is van alles maar één
breedtegraad 52.401206 | lengtegraad 4.895302
door Floor Buschenhenke, gemaakt bij de fotoserie ‘Blauwe deur NDSM-loods’,

1.

koud blauw in mijn rug, stil zijn, niet lachen, ze komt me halen
hondje in de hal wil geaaid worden en daar ligt een mooie steen

niet bewegen nu, ze is bijna klaar met tellen, zij is buiten en ik luister,
dit is een heel groot huis, er lopen mensen rond die naar me kijken

die mevrouw ziet er lief uit, zou ik van haar wèl een robot mogen?

tien!

ze loopt rond, ze roept mijn naam, ik wil naar buiten en bewegen
ik knijp mijn ogen stijf dicht, ik ben er niet – vang me alsjeblieft

grote mama-handen om mijn armen, warme mama tilt me op
ik heb je boefje zegt ze – wat ik nu verstop ziet ze niet

2.

ik leun op de afgesproken tijd, op de afgesproken plek,
tegen de blauwe deur, zo altijd zichzelf als hij ben ik niet,
afspreken in een deuropening was geen goed idee
je ziet me al van ver, terwijl je nog alle kanten op kan
ik zoek naar houdingen wanneer je dichterbij komt
waar laat ik mijn handen? waar laat ik mijn blik?

‘dat is lang geleden’ roep je, ‘je haar is nog hetzelfde’
voor de rest pak je de tijdvereffeningstabel erbij
tel acht maanden op voor mijn ontslag, twee voor je zwijgen
toen mijn vader overleed. ik weet het, je was druk
jouw haar is dunner, maar ik ben aangekomen
de verschillen hoeven we niet te zoeken

3.

elke ochtend, vaste prik,
sigaretje voor we naar binnen gaan
het interval is dus te klein
te klein om je echt te zien
veranderen alhoewel ik
van de graffiti op de betonblokken
wel degelijk elke ochtend zie
wat er die nacht bijgekomen is
en wat er daaronder zit
achteraf vragen ze dan: hoelang speelde het al?
ik zie je je sjaal rechttrekken, krabben op je hoofd,
tegen de deur leunen, moe misschien?
ja, wie is er niet moe,
ik zie je nu achter mijn oogleden
rook uitblazen

4.

de spoken houden zich aan een protocol
wanneer ze het blauw blauwer blazen
doen ze dat precies tot het moment waarop

je inziet dat de deur geen Rothko is, geen zomerlucht,
geen legoblokje, geen uitsnede van een oceaan,
zelfs niet de deur van vorige week, van daarnet,

tot middenin een werveling van interpretaties
een helder oog zich opent, vernietigend kijkt
de geest van deur en blauw en hier en nu je aan

5.

Locatie Datum/Tijd Observaties
Kantoor B. 12-09-2015, 10.41 Lange man, smalle heupen, blonde krullen. Draaide zich om toen ik binnenkwam. Hief z’n handen op, ‘te vies’, was de racefiets van B. aan het repareren. Stelde zich voor. Stelde me voor. Stelde me voor dat.
Pontplein 14-09-2015, 8.30 Hij liep een eindje voor me de pont af.
Fietsenrek 29-10-2015, 18.13 Hij was met een groepje, nam net een telefoongesprek aan en zijn uitdrukking werd waaks, gesloten toen hij hoorde wie het was. Ik probeerde onopvallend te doen.
Blauwe deur 3-11-2015, 3.00 Na de verjaardagsborrel van B. Hij kwam van een ander feest. ‘Is het nog bezig?’ riep hij hard en aangeschoten tegen mij toen ik naar buiten stapte, bijna tegen hem op botste. ‘Ze zijn aan het opruimen,’ antwoorde ik. Hij liep langs me heen naar binnen.
Noorderlicht 6-11-2015, 13.00 Tafeltje aan de IJ-kant. een zekere ontroering over hoe zijn tafelgenote een broodje eet. Voordat hij haar handen gaat vastpakken kijk ik weg.

6.

de blauwe deur laat ik open staan
want het ruikt hier anders dan gewoon

ik leid mijn rolkoffer naar zijn rustplaats
de wieltjes klonken feller bij vertrek

ben ik op reis gekrompen of
heeft de hal zich uitgerekt
tot een hoge loods vol kamers

hoe raak ik weer geschikt voor bewoning
ik heb zoveel in- en uitgepakt
ik moet nog leren om voor lief te nemen